Welke logistieke activiteiten een bedrijf meeneemt in de berekeningen, hangt af van de doelstellingen van de berekening. Als het doel is om de precieze carbon footprint van het eigen bedrijf te bepalen, moeten de emissies van alle door het bedrijf uitgevoerde logistieke activiteiten berekend te worden. Ook bij rapportage van logistieke emissies en toerekening van emissies aan klanten of producten verdient dit aanbeveling.

Als het doel is inzicht te krijgen in mogelijkheden om emissies te beperken, is het vooral van belang de voornaamste emissiebronnen mee te nemen. In dat geval kunnen activiteiten met relatief weinig emissies (in eerste instantie) eventueel buiten beschouwing gelaten worden.

Het niet-productief gebruik van logistieke middelen (lege ritten, omrijden, terugritten e.d.) moet in alle gevallen deel uitmaken van de berekening.
 

Aandeel van opslag en overslag in totale goederenstromen

Het relatieve aandeel van de elke activiteit in de totale logistieke activiteiten verschilt van bedrijf tot bedrijf.

In de volledige goederenstroom van bron tot gebruiker blijkt dat het aandeel van transport zeer groot is en het aandeel van overslag, opslag en handling in verhouding klein. Dit komt doordat de hoogte van emissies voor een groot deel afhangt van de massa en/of het volume van de goederen en van de te overbruggen afstand. Bij handling en overslag is deze afstand heel beperkt, terwijl de transportafstand honderden tot duizenden kilometers kan bedragen.

Anderzijds kan een goederenknooppunt zoals een zeehaven een grote bron van emissies zijn. Dit komt door het grote volume dat via dit knooppunt wordt overgeslagen en de talrijke transportbewegingen die binnen een relatief klein geografisch gebied plaatsvinden.