Berekening van emissies op basis van het energiegebruik

Emissies van een binnenvaartschip worden berekend op basis van het energiegebruik van het schip. Dit komt neer op de volgende berekening:

Het energiegebruik wordt uitgedrukt in liters brandstof, MJ of kWh. Deze eenheden zijn naar elkaar om te rekenen met de conversiefactoren in Annex D. In principe kunnen alle eenheden gebruikt worden, zolang het energiegebruik en de energie-eenheid in de emissiefactor gelijk zijn.

Voor CO2 en SO2 kunnen de eerder vermelde emissiefactoren worden gebruikt (eventueel omgerekend naar een andere eenheid volgens de conversiefactoren in Annex D).

De emissiefactor per energie-eenheid is voor NOX en PM10 afhankelijk van de milieuklasse van het schip. De milieuklassen van binnenvaartschepen worden uitgedrukt in CCR-klassen. Een overzicht van bronnen die kunnen worden geraadpleegd voor de emissiefactoren per energie-eenheid (zowel geaggregeerd als per milieuklasse) is opgenomen in Annex E

Berekening van het energiegebruik

Het totale energiegebruik van een schip is het energiegebruik per vaartuigkilometer vermenigvuldigd met het aantal afgelegde vaartuigkilometers, met inbegrip van zowel productieve als niet-productieve kilometers.
Het energiegebruik per vaartuigkilometer is afhankelijk van verschillende factoren:

  • grootteklasse van het schip
  • beladingsgraad en daarmee de diepgang van het schip
  • afmetingen en diepte van de vaarweg
  • stroomsnelheid en –richting van het water
  • vaarsnelheid van het schip

Doordat deze parameters steeds variëren, zal ook het energiegebruik per kilometer variëren. Hierdoor is het berekenen van het energiegebruik een ingewikkelde opgave waarvoor een compleet rekenmodel nodig is. Het voert dan ook te ver om de benodigde rekenmethodiek hier verder toe te lichten.

De meest nauwkeurige methode om het energiegebruik van het vervoer per binnenvaartschip te bepalen, is door bij de vervoerder te informeren naar het brandstofverbruik per vaartuigkilometer.

Het is echter niet altijd mogelijk om deze specifieke informatie te achterhalen. Niet alle schippers zullen informatie kunnen of willen verstrekken over het brandstofverbruik. Ook wanneer sprake is van veel verschillende schepen of bestemmingen, is het geen makkelijke taak om een representatief gemiddelde te bepalen. Gelukkig zijn er diverse studies gedaan waarin het energiegebruik van binnenvaartschepen (eventueel per grootteklasse en scheepstype) bepaald is. Een overzicht van bronnen die kunnen worden geraadpleegd voor het energiegebruik van binnenvaartschepen is opgenomen in Annex E

Verschillen tussen dedicated transport en groupage

Met bovenstaande methodiek wordt berekend wat de emissies van een binnenvaartschip zijn. Deze methodiek is toereikend wanneer de complete lading op het schip van één onderneming is. Vaak zal het echter gaan om gecombineerd vervoer, waarbij de emissies moeten worden toegewezen aan verschillende bedrijven.

Deze toewijzing kan gebeuren op basis van het aandeel dat de verschillende bedrijven hebben in de totale lading. Hoe dit aandeel wordt bepaald is afhankelijk van het type lading. Algemeen geldt dat eerst bepaling van de hoeveelheid ‘eenheden’ aan boord plaatsvindt. Op basis hiervan kan men berekenen wat de emissies per ‘eenheid’ zijn. De totale emissies voor een bepaald bedrijf zijn dan de emissies per ‘eenheid’ maal het aantal ‘eenheden’ van het bedrijf.

De keuze van de eenheid hangt af van het type lading. Veel gebruikte eenheden zijn tonnen (voor bulk en stukgoed) en TEU’s (voor containertransport). Wanneer deze per kilometer worden uitgedrukt, krijgt men de eenheden tonkilometer en TEU-kilometers.

Gegevens voor het berekenen van de emissies van binnenvaart

De hoeveelheid gegevens die beschikbaar is voor het berekenen van emissies bepaalt hoe nauwkeurig deze emissies berekend kunnen worden. Hier wordt een overzicht gegeven van parameters die nodig zijn om de emissies van vervoer per binnenvaartschip te kunnen berekenen.

Aanvullend hierop is voor gecombineerd transport informatie nodig over het aandeel van een ondernemer in de totale lading.

Klik hier voor voorbeeld.

Voorbeeld

sluitenVeelvoorweinig BV laat jaarlijks vanuit de Rotterdamse haven 100 containers (200 TEU) per binnenvaartschip van Rotterdam naar Coevorden vervoeren. Navraag leert dat hier doorgaans een Rhine Herne Canal Ship voor wordt ingezet met een capaciteit van 96 TEU. Gemiddeld komt er per levering iedere week 4 TEU binnen. De afstand over het water naar Coevorden is 250 kilometer.

Wederom wil Veelvoorweinig de CO2, NOX en PM10 uitstoot berekenen.
De benuttingsgraad van het schip waar de containers van Veelvoorweinig worden vervoerd is niet bekend, dus gebruikt de logistiek manager gemiddelde waarden. Voor een Rhine Herne Canal Ship vindt hij de volgende emissiegetallen:

Hiermee worden de emissies voor het hele schip waarvan 65 % van de beschikbare container plaatsen bezet zijn:

Slechts een deel hiervan komt voor rekening van Veelvoorweinig. Met het schip wordt gemiddeld 0,65 * 96 = 62,4 TEU vervoerd. De logistiek manager kiest er voor om per vervoerde TEU 1/62,4e deel van de emissies van het hele schip aan Veelvoorweinig toe te delen. Dat levert Veelvoorweinig BV een jaarlijks totaal van: